Afdrukken

Een landbouwband monteren/demonteren

Ontdek stap voor stap hoe u een band correct kunt monteren en demonteren

Het monteren/demonteren kan risico’s inhouden, deze werkzaamheden moeten door een professional worden uitgevoerd, die is opgeleid en gekwalificeerd, met behulp van passende instrumenten en procedures.

Laat deze werkzaamheden niet alleen door een beginneling uitvoeren, als deze werkzaamheden door verschillende personen worden uitgevoerd, en als er grote banden worden gemonteerd, zorg er dan voor dat er ten minste nog een ander persoon aanwezig is.

Gebruik een persluchtsysteem voorzien van een drukbegrenzer.

Als deze instructies en procedure niet correct worden gevolgd, dan kan dit leiden tot een incorrecte montage van de band op de velg en leiden tot het klappen van de band, wat op zijn beurt kan leiden tot ernstig letsel of de dood.

De band van de velg demonteren

  1. Probeer nooit om een opgepompte band van de velg te verwijderen.
  2. Verwijder het binnenventiel van het ventiel.
  • zorg dat de band volledig is leeggelopen voordat u deze demonteert,
  • gebruik geen gereedschap dat de flanken of de hielen van de band kan beschadigen,
  • verwijder de hielen uit de aanwezige uitsparing in de hielzone als de band hiermee is voorzien
  • om het demonteren te vergemakkelijken en de hielen te beschermen, vooral in geval van een lekke band, smeer de zittingen van de velg en de bandhielen, - als de velg zichtbaar beschadigd is, dan moet de band worden laten leeggelopen voordat de band-wiel combinatie wordt verwijderd.

De montage voorbereiden

1) Voor het monteren, moet u controleren of de velg, band en binnenband compatibel zijn.

Controleer:

  • de band is geschikt voor het voertuig of machine
  • de diameter van de "zitting" van de velg komt overeen met de diameter van de "zitting" van de band die u wilt monteren (Bijvoorbeeld: band 18.4 R 30 Velg: DW16L x 30)
  • het monteren van een band is toegelaten op deze velg (zie kenmerken in de handleiding van de fabrikant)

Opgelet: Er bestaan velgen met een zitting met een diameter van 15.3", monteer nooit op deze velgen banden van 15". Hetzelfde geldt voor velgen met een diameter van 16.1" en 16.5", monteer nooit op deze velgen banden van 16".

2) Voordat u een band op een reeds gebruikte velg monteert:

  • de velg moet schoon en onbeschadigd zijn (geen zichtbare schade),
  • de velg correct schoonmaken met een staalborstel. Monteer nooit een band op een velg die gescheurd is, vervormd is, breuken vertoont, sporen van reparaties (lassen) heeft...

3) Als de band eerder werd gebruikt, controleer nauwgezet de buiten- en binnenkant om eventuele schade op te merken.

  • als de band beschadigd is of tekenen van slijtage vertoont, die niet door een specialist kan worden gerepareerd, gooi de band dan weg.

4) Voor montage met binnenband, gebruik altijd een nieuwe binnenband die geschikt is voor de grootte van de band, (compatibele banden worden op binnenband vermeld).

Monteer nooit een binnenband op een beschadigde of gerepareerde velg of op een velg die niet geschikt is voor een binnenband.

Om een Tubeless-band zonder binnenband op een Tubeless-velg te monteren, moet men een nieuw Tubeless-ventiel monteren, bij elke montage.

5) Gebruik altijd gereedschap dat zich in goede staat bevindt, niet scherp is en geschikt is voor de banden en velgen (velgranden, bandijzers, machines...).

Voor grote banden of banden met groot volume raden we het gebruik van een kraalpers of flenzen aan (mechanische werktuigen) om de tweede hiel te monteren.

Voordat u verder monteert, smeer de zittingen van de velg en hielen van het de band in.

Breng een dunne laag montage pasta op de onderdelen aan die hieronder worden aangeduid, op de buitenzijde van de flenzen, het smeermiddel moet tot 5 cm boven de velgrand komen.

Gebruik alleen producten die geschikt zijn voor dit doel en de band niet aantasten (gebruik geen producten op basis van koolwaterstoffen, silicone, antivriesmiddel...)

Verticale montage van de band op het wiel

1) Plaats het ventiel of het gat voor het ventiel onderaan.

2) Als er een afbeelding van het ventiel op de flank van de band is, dan moet u deze afbeelding zo dicht mogelijk bij het ventiel of het gat voor het ventiel plaatsen.

3) Plaats de band op de velg, zodat de eerste hiel van de band zich op de velgrand bevindt. (Respecteer de draairichting die op de band met een pijl wordt aangegeven).

4) Met behulp van een geschikt bandijzer, en door achtereenvolgende bewerkingen ongeveer elke 10 cm:

  • leid de eerste hiel over de velgrand.

Zodra de eerste hiel over de velgrand is:

  • plaats de binnenband, een beetje opgepompt, in de band (in geval van montage van een binnenband),
  • bevestig het ventiel en schroef deze licht vast.

Voor de tweede hiel:

  • leid de eerste hiel over de velgrand,
  • stop bij het ventiel.

5) De band centreren, plaatsen van hielen

  • laat de krik een beetje zakken, voor een optimale centrering van de band,
  • verwijder het binnenventiel van het ventiel,
  • pomp de band lichtjes en langzaam op, voor een betere plaatsing van de hielen,
  • controleer of de hielen niet de binnenband afklemmen,
  • oppompen tot 2,5 bar zonder deze druk te overschrijden, om een goede positionering van de hielen te verzekeren.

Oppompen en plaatsing van de hielen

1) Volg de veiligheidsregels:

  • retentiesysteem voor de band (veiligheidskooi),
  • veiligheidsbril,
  • veiligheidsschoenen,
  • gehoorbescherming.

Als er geen veiligheidskooi of veiligheidsstang is, moet de gebruiker zich zo ver mogelijk van de band en velg verwijderen.

Waarschuwing: ga nooit in de baan staan (afbeeldingen 1, 2, 3) om risico op persoonlijk letsel te vermijden.

Om in de best mogelijke veiligheidsomstandigheden te werken, gebruik een oppomppistool, aangesloten op het ventiel door middel van een luchtslang van ten minste 3 meter, uitgerust met een kliksysteem op het ventiel, met een drukmeter en in perfecte staat (handgreep mag nooit worden geblokkeerd).

2) Controleer met name:

  • of de hielen goed geplaatst zijn en gecentreerd ten opzichte van de velgranden, oppompen tot 2,5 bar zonder deze druk te overschrijden.

Als de hielen niet correct geplaatst zijn:

  • laten leeglopen, opnieuw smeren en oppompen tot 2,5 bar,
  • deze handeling herhalen totdat de hielen correct geplaatst zijn.

Zodra de vorige handelingen correct zijn uitgevoerd:

  • plaats het binnenventiel van het ventiel terug,
  • schroef de moer van het ventiel vast, met de hand,
  • oppompen tot de bedrijfsdruk, naargelang de belastingindex die in de handleiding van de fabrikant wordt vermeld, of bandendruk als de band in voorrraad staat,
  • de ventieldop na het oppompen of controleren van de druk vastdraaien, aangezien dit onderdeel de reinheid van het ventiel en afdichting waarborgt.

In geval van horizontale montage op de grond, een methode die we niet aanraden aangezien u niet de locatie van de interne hiel kunt zien, neemt u de volgende voorzorgsmaatregelen: 

  • Overschrijd in het begin niet de maximale druk van 0,7 bar (voor afdichting),
  • Verwijder het samenstel band-velg, plaats deze in een veiligheidskooi of druk het bovenste gedeelte tegen een muur, nooit tegen een deur of lichte scheidingswand,
  • Volg de richtlijnen voor verticale montage (afbeeldingen 1, 2 en 3).

Opmerking:

Alle radiaalbanden die bij lage druk worden gebruikt, vereisen dat hun montage wordt uitgevoerd op hoogwaardige velgen.

Ingebruikname

  • Voor het transport van materiaal (op de weg, per spoor of op het water) raden we aan om de banden op te pompen tot 1,8 bar (26 p.s.i.) om mogelijke schade te vermijden.
  • Bij de ingebruikname van het materiaal moet de druk worden bepaald en ingesteld op basis van de lading die door de banden worden ondersteund en de feitelijke gebruiksomstandigheden. (Zie Belasting/Spanningstabel).

Specifieke gevallen

Ballasten van banden met een vloeistof

In bepaalde gevallen, om het gewicht te verhogen of het zwaartepunt van de machine te verlagen, zowel voor Tubeless als Tube Type, kunnen de banden met een vloeistof worden gevuld.

De ventielen zijn van het type “lucht en water” en kunnen tot 75% (schema 1) worden gevuld met een vloeistof (water + antivries) (volume tot 75% in het technische gedeelte).

In de winter kan de temperatuur zakken tot onder 0 °, het gebruik van een antivriesmiddel op basis van glycol is dan verplicht.

Vul de binnenband of Tubeless-band met vloeistof, tot aan het ventiel (ventiel bovenaan geplaatst) terwijl u de lucht laat ontsnappen (schema 2). Het oppompen en de druk worden aan de lucht aangepast.

De hoeveelheid lucht zorgt ervoor dat de druk laag is (ongeveer 25% van het volume), de druk moet regelmatig worden gecontroleerd, we raden aan om dit maandelijks te controleren.

In het geval van ballasten met vloeistof in Tubeless

  • Monteer en plaats de band, raadpleeg de methode “Oppompen en plaatsen van hielen” (pagina 33).
  • Laat de band leeglopen tot een lage druk (ongeveer 0,5 bar).
  • Plaats het ventiel bovenaan.
  • Vul de omhulling met vloeistof (water + antivries) tot maximaal 75%, terwijl u de lucht laat ontsnappen (schema 2).
  • Beëindig het oppompen met lucht en stel de druk in